Ik zie je

Zien
is meer
dan gezichtsvermogen.

Zien is kijken
én tot je door laten dringen
contact maken.

Jezus keek
en zag
de bedelaar,
de verworpene,
de minste mens.

Hij ging in gesprek
raakte hun leven aan
gaf uitzicht.

Inspirerend
zo'n voorbeeld.

Mei 2011. Samen met collega Dinie Donze bezoek ik Letland. We gaan ook op bezoek bij het kindertehuis in Grostona. Daar bieden Valdis en Jutta Strazdins een thuis voor kinderen die geen goed eigen thuis hebben. Hun eigen kinderen wonen er trouwens ook, evenals de kinderen van de docenten die les geven. Want je kunt het kindertehuis net zo goed een school noemen als een tehuis. We worden ontvangen met het Wilhelmus. Hadden ze op het laatste moment bedacht: wel aardig om die Nederlanders met hun volkslied te ontvangen. De kinderen spelen het spontaan van blad terwijl ze het nog nooit gespeeld hebben.

De volwassenen in Grostona hebben ervoor gekozen om hun leven in deze vorm te gieten. Ze wonen en werken samen en leven van wat de grond opbrengt (ze eten de wortelen en aardappels die ze zelf verbouwen) en van wat ze krijgen.
Hun werk draait om zien en gezien worden.

Ze zien iets in kinderen dat eigenlijk onzichtbaar is. Kinderen die aan hun zorg worden toevertrouwd zijn vaak al op verschillende adressen geweest en hebben als het ware het stempel "hopeloos geval" gekregen. De mensen in Grostona zien in de kinderen niet alleen een lastig kind (want ze zijn realistisch genoeg om te weten wat ze aangaan), maar ook en vooral een kind van God.
Ze zien ook elke keer kansen als er weer iets is misgegaan.
Dat vermogen om God te zien en het werk van de Geest van God is niet een bijzonder soort bril, maar meer het gevolg van systematisch zoeken. Als je iets zoekt zie je vaak eerder dan wanneer je niet op zoek bent. En dat zoeken wordt niet alleen gevoed door hun professionaliteit (alle docenten zijn universitair opgeleid), maar ook door gebed. Daar leren ze scherper door kijken. En zien.

Zijzelf vinden iets anders belangrijker. Namelijk dat een kind zelf gaat zien.
De kinderen met wie ze te maken krijgen hebben niet een zuiver zicht op zichzelf.
In de psychologie van Libelle en Margriet en de westerse wetenschap heet dat "een laag zelfbeeld". Veel kinderen zijn boos, of depressief, of agressief. Ze kunnen niet veel meer in zichzelf zien dan een lastige puber, een drabbertje en dat proberen ze dan ook overtuigend in te vullen.
Maar er komt meestal een moment dat het licht doorbreekt. Dat ze ruimte maken voor een andere visie op zichzelf. Dan kunnen ze iets in zichzelf gaan zien, iets anders dan het beeld dat hun oude omgeving van hen had en dat die omgeving hun ook succesvol heeft ingeprent.
Ze gaan toekomst zien. Zien dat ze iemand zijn.

Het is mooi dat wij elkaar oproepen om anderen echt te zien staan, om contact te maken en dan eventueel te helpen. Maar dat die ander een nieuwe visie op zichzelf krijgt en daardoor zelf perspectief ziet, daar gaat het ten diepste om. Dat mag het ZZg ook uitdragen.